Donderdag 10 juni, vijf uur in de ochtend, een beetje nadruppend van het druilerige weer en wij staan met 20 man op de dijk voor het meerdaagse avontuur in de Vogezen. Volgens de weergoden op radio en TV moet het vandaag warm worden, maar nu lijkt het er nog niet op. Even nog wat fietsen overladen in de bussen die meegaan en om half zes zijn we op weg naar een ongewis avontuur. Tegen onze gewoonte in gaan we zaterdag tijdens onze meerdaagse de Trois Ballons rijden. Een pittige cyclosportieve tocht in de Vogezen.

 

Bijna ter plekke aangekomen dank ik onze voorzitter voor mijn uitstekende navigator. Had hij me niet gewaarschuwd dan was ik het straatje echt voorbij gereden waar we omhoog moesten. Het werd me bang te moede te bedenken dat we hier wellicht ook met de fiets omhoog of omlaag zouden moeten. Gemiddelde stijging van 15% met uitschieters naar de 20, gaten in de weg en overal steenslag in de bochten; LEVENSGEVAARLIJK. Boven gekomen stonden we wel vrijwel direct met de neus van de bus op de parkeerplaats van ons hotel. Het is heet, de zon is er volop bij en een heerlijk terrasje staat ons te wachten. Het begint al vlot een beetje thuis te voelen!

 

Dat gevoel zakt even snel weer weg als het gekomen is als ik ons benauwde slaaphol zie. Met zijn tienen in stapelbedden in een ruimte waar nauwelijks de bedden in passen, laat staan 10 volwassen kerels met volledige bagage. Onwillekeurig moet ik denken aan 5 jaar geleden toen we ook in de Vogezen waren. Toen waren de kamers goed, maar het eten verschrikkelijk. Als dit een voorbede van het eten is, wordt ik nog niet blij. Gelukkig zal later blijken dat het met dat eten meer dan goed zit. “Spezial für mich gemacht.” zegt de eigenaar, kok, tafelheer en entertainer om de haverklap als hij met de meest verrukkelijke worsten, salades en ovenschotels aan komt zeulen. Zo, hier kunnen we op fietsen. En dat is nodig ook hier, waar geen meter vlak is. Het hotel ligt bovendien op 900 meter hoogte, dus iedere rit die we van hieruit maken eindigt in een fikse klim. Gelukkig kan dat ook via de andere kant van de berg. Wel wat langer, maar een prima weg en minder steil. 's Middags verkennen we het laatste deel van het parcours van zaterdag; een klim van ongeveer 5 kilometer tegen een gemiddeld stijgingspercentage van 9 tot 10%, stukken van 13% in het midden ergens en helemaal aan het eind. Maak je borst maar nat als je dit na 100 of 200 kilometer nog moet doen. Kom, snel een biertje op het terras pikken anders ga ik weer naar huis.

 

Terug in het hotel is het meer dan gezellig. Er zijn altijd wel enkele gangmakers bij en wij hadden gelukkig de politie bij ons. Ik zal wel nooit weten waarom Hans door de hoteleigenaar als mafioso werd gezien. Hij werd wel heel gedienstig van 'Toni' zoals mijnheer Ceelen werd genoemd. Hij was zelfs zo gastvrij dat hij 3 flessen wijn uitloofde toen hij de uitspraak van Koen hoorde dat hij bij de eerste dertig wilde eindigen. Hij had daarbij nog buiten de waard gerekend: wij hadden onze Oldtimer ook nog. Jan bleek met zijn 76 jaren de oudste deelnemer in het veld van zo'n slordige 3000 fietsers te zijn.Dit kwam hem op een eervolle vermelding van de speaker te staan. En toen na 100 kilometer voor de B-groep met Jan in de gelederen de eerder genoemde slotklim begon kon niemand vermoeden dat Jan in de vorm van zijn leven stak. Zelfs Bert met zijn nieuwe uitgelijnde postuur (en hij fietste toch de keien uit de straat!) moest het afleggen. “Ja ik zag dat hij het een beetje moeilijk had en toen ben ik er maar voorbij gegaan.” aldus Jan, “En toen was het mijn eer natuurlijk te na om hem weer voorbij te laten komen.” Het feest werd terug in het hotel gekomen meteen luister bij gezet door de wijn van de hoteleigenaar. Een 42ste plek voor Koen in combinatie met wat Jan gepresteerd had werd hem bijna te machtig. Bij het afscheidsmaal op zondag zette hij nog drie literflessen bier plus drie flessen lokale champagne op tafel. We namen met een zwaar gemoed en een leuke groepsfoto afscheid van hem. Wat een heerlijke meerdaagse was dit!!!

 

De jonge Hond

 

 

Zoals beloofd zou ik wat ervaringen op papier zetten met betrekking tot het weekend Frankrijk. De op papier gestelde belevenissen zijn, vooral, die van mij zelf.

Op donderdag 10 juni j.l., toog ik met mijn fiets in de ene en mijn koffertje in de andere hand richting Veerhuis. Het was vroeg, erg vroeg. Om 05.00 uur zouden we verzamelen om te vertrekken naar BelFahy in de Vogezen. Een erg mooi gebied zo was er beloofd.
Ik was als passagier ingedeeld bij de auto van Koen. Na vakkundig inpakken van de bus konden we vertrekken.

Ik had het geluk dat ik met de mooiste bus van de karavaan mocht meerijden. De autoriteiten in Frankrijk denken er ook zo over. Goed en wel in Frankrijk, op de snelweg, aangekomen werd het door Koen bestuurde voertuig op de foto gezet. Ik heb begrepen dat de foto nog niet ontwikkeld is, maar daar kun je op wachten.

Enfin, de reis verliep verder voorspoedig. Toen we Belfahy naderde werden we via duistere, bijna, onbegane wegen naar ons Hotel geleid. Aldaar aangekomen vond de kamerindeling plaats. Ik had wéér geluk want ik zou bij Gerrit op de kamer slapen. Nou dat heb ik geweten.
In de, directe, nabijheid van het Hotel was na 4 dagen geen boom meer te vinden.

Nadat we ons hadden geïnstalleerd vertrokken we voor een “trainingsrit”. Een hele aparte ervaring als je nauwelijks in de bergen fietst. Na een heerlijke afdaling, van ongeveer 7 kilometer, kwamen op het wat vlakkere gedeelte. Naarmate het aantal kilometers vorderden kwam bij mij de gedachte op dat we in ieder geval ook weer naar boven zouden moeten. Ons Hotel lang, namelijk, op een hoogte van ongeveer 850 meter.

Nog moe van de reis en slecht gegeten begon ik aan de klim die leidde tot de weg naar het Hotel. Ik werd al heel snel tot de orde geroepen en had behoorlijk wat pudding in de benen. Dankzij de saamhorigheid in de C-groep werd me direct de helpende hand geboden. Henk en Bert, met een handje op mijn rug,  hebben me vakkundig naar boven begeleid. Nog bedankt jongens!!

Toen ik boven was gekomen en mijn ervaringen, onder het genot van een biertje, met Gerrit had gedeeld hebben wij samen besloten om de volgende dag ons, met name mij, van de goede kant te laten zien. Ik wilde wat terugdoen voor de jongens. Wij boden dan ook aan om tijdens de rit van vrijdag een volgwagen te bemannen. Een goed plan vond ieder. Gerrit en ik waren daar natuurlijk het meest blij mee!! Daar waar nodig zouden we de helpende hand kunnen bieden. Dat was, gelukkig, niet nodig maar dat had ik ook niet verwacht.

Nadat we ons startbewijs in het centrum van Champagny hadden opgehaald togen we weer richting Hotel om, jawel weer de berg op te gaan. Dit ging me nu beter af dan een dag ervoor. Een fijne bus Sjaak. Ik zou hem kopen!!

Op zaterdag zouden de renners van de A en B-groep met enkele diehards van de C-Groep 105 of 205 kilometer gaan fietsen. Henk, Gerrit en ik hadden ons ingeschreven voor de prestatietocht van 60 kilometer. Het zou voor de meeste toch wel een heftige dag worden dus iedereen lag vroeg in zijn mandje.

 

Henk,Gerrit en ik, fietsten op de zaterdagmorgen rustig richting de start zodat we om 09.00 uur zouden kunnen starten. Toen we Champagny naderde werden we ingehaald door een
zwarte bestelbus. Deze werd vóór ons geparkeerd en we werden door 2 dames van,  naar later bleek, de organisatie staandegehouden.

Henk dacht in eerste instantie dat het politie was en verwachtte, mogelijk, een bekeuring voor het een of ander. De dames echter maakten ons met handen en voeten duidelijk dat de geplande prestatietocht niet door zou gaan. Er waren slechts 3 deelnemers ingeschreven. We moesten de, inmiddels op onze fietsen aangebrachte, startnummers inleveren. Het inschrijfgeld kregen we terplekke terug en ze wensten ons verder een fijne dag. Fijne mensen die Franse!!

Nou daar stonden we dan. Gelukkig hadden we het routekaartje nog en het besluit was snel genomen. We zouden gewoon het traject gaan volgen. Dit viel echter niet, helemaal, mee omdat er geen verkeersregelaars waren die ons zouden kunnen verwijzen naar de juiste route.
Met was vragen onderweg hebben we toch het grootste gedeelte van de route af kunnen leggen.
Ik was duidelijk beter in vorm dan tijdens de “trainingsrit” van de donderdag.
Ondanks de aardige klimmetjes die in onze route zaten heb ik een heerlijk fietsdag gehad en stond uiteindelijk toch nog 75 kilometer op onze tellers.

Het enige minpuntje die dag was dat we het horloge van Henk moesten zoeken. Waarschijnlijk, zo zei Henk, was het horloge bij het af doen van de armstukken van zijn pols gevallen. Of Henk ons voor de gek heeft gehouden weet ik niet, maar later bleek dat zijn horloge gewoon op zijn hotelkamer lag. Gelukkig maar!!

Nadat iedereen weer heel en voldaan van hun afgelegde rit weer bij het Hotel was gearriveerd hebben we samen nog heerlijk gedineerd. De deceptie was echter groot, althans, voor Gerrit en mij zeker, dat de “Patron”  Rafael kwam vertellen dat hij geen bier meer had. Grapjas dacht ik nog!! Echter niets was minder waar het bier was ECHT op. Fijne mensen die Franse!!

De volgende dag maakte Rafael dat weer goed door bij de lunch een biertje en voor de liefhebbers een wijntje te doneren.
De zondag was dus aangebroken. Voor de liefhebbers vond nog een 2 uur durend ritje plaats. Na gedoucht, ingepakt en genoten te hebben van de genoemde lunch vertrokken we weer richting Nederland. Om 20.30 uur stond ik thuis binnen. Net op tijd voor de voetbalwedstrijd van Duitsland.

Tot slot kan ik zeggen dat ik een leuk weekend heb gehad. Afgezien, gehuild, gelachen, gesnurkt, geklommen en gedaald. O ja, wisten jullie dat in de Vogezen, inderdaad een heel mooi gebied, Kangoeroes zitten. Ik had die donderdags in de klim gezien. Hoe dat precies zit moet je maar aan Henk en Gerrit vragen!

Groet en bedankt voor de organisatie,

Hans Ceelen.